Recensie: Jef Van Extergem – Als rook over de bergen

van Marc Andries

‘Historische roman’ staat op de vuurrode cover van het nieuwste boek van Marc Andries. Dat benauwde me vroeger altijd een beetje: kan ik wel geloven wat er staat, als de woorden ‘roman’ en ‘historisch’ elkaar vergezellen? Recent leerde ik dat die schrik voor niks nodig is: je kan ten eerste sowieso niet geloven wat er waar dan ook staat, de venerabele Oxford Dictionary bekroonde niet zomaar post-truth als het woord van het jaar 2016. En ten tweede zijn recent een aantal auteurs met prachtige historische of biografische romans er terecht in geslaagd Bookerprijzen (Hilary Mantel met Bring up the Bodies en Wolf Hall) of Prix Goncourts (Laurent Binet met HHhH, Emmanuel Carrère met Limonov) in de wacht te slepen. Dus geen schroom voor al dat rood, aan de slag ermee.

Ik ben allerminst historicus en schaam me niet te bekennen dat ik nog nooit van Jef Van Extergem, ‘het wonder uit de Montignystraat’, had gehoord. Jef (al heel gauw noem ik hem Jef) werd geboren in Dendermonde in 1898 en kwam om het leven in het concentratiekamp van Ellrich in 1945. Zijn ouders waren kleine zelfstandigen: vader kleermaker, moeder caféhoudster. Maar tevens bloedrode socialisten. Vader Van Extergem zat met gekruiste benen op zijn werktafel, met de rug naar het raam, waarvan de onderste helft was afgeplakt met de gazet De Werker. Zie je wel: feit of fictie? Hoe weten we dat nog, van dat raam, bijna 120 jaar later? Speelt geen rol, Marc Andries hanteert dit soort achtergrond of behang om ons bijna ongemerkt, in homeopathische dosissen, lesjes geschiedenis van de vorige eeuw in te lepelen: er bestond toen een socialistische gazet die De Werker heette, en die krant komt uiteraard later nog ter sprake.

Onder die tafel van vader Van Extergem slikte klein Jefke als een gans het politieke voer dat hem van bovenaf werd ingepompt door vader en zijn bezoekers. En niet alleen socialistisch voer, ook Vlaams-nationalistisch, een combinatie die je nu nog nauwelijks tegenkomt (er schiet me maar één nog levende linkse flamingant te binnen, Ludo Abicht, maar natuurlijk zullen er wel meer zijn). Flamingant, anti-Belgicist, het zijn begrippen dit sedert lang door rechts en extreem-rechts werden gekaapt. Terwijl toch enkel nog PVDA-PTB zich federaal als politieke partij manifesteert. SP.a en PS hebben nog weinig met elkaar te maken, en houden dat liever ook zo – elk draagt zijn eigen schandaaltjes mee.

Jef Van Extergem, autodidact en orateur eerste categorie (bijgenaamd het wonder van de Montignystraat omdat hij al als kleuter met luide stem zijn mening over een ander wist te verkondigen), rebel, onwrikbaar, ontembaar. Net zoals Limonov (zéker lezen, die Limonov!) tijdens de Sovjet Unie en later in Rusland altijd bereid was de gevestigde macht uit te dagen en te pesten, maar zuiverder op de graat dan Limonov, niet geplaagd door drank of drugs, of zo lijkt het, schandaaltjes met seksuele achtergrond. Een witte ridder, vechtend voor zijn ideaal – een rode ridder. Huwelijkstrouw en liefde voor kind en haard hoog in het vaandel, maar toch altijd in de schaduw van het grote ideaal: het belang van de kleine man die zichzelf niet verdedigen kan. Het neigt naar romantiek, naar opera. En hij offert daadwerkelijk niet enkel zijn gezinsleven, maar zijn eigen leven op aan die idealen, onverkapt en onverdund. Always in trouble, uiteraard, en nog niet zo’n beetje. Gevangenisstraffen wegens onvaderlands gedrag (absoluut anti-royalisme), strijd tegen de Franstalige bourgeoisie in Vlaanderen, allianties met collaborateurs (twee oorlogen na elkaar): liever de bezetter als opstapje naar een onafhankelijk Vlaanderen gebruiken dan als knecht het koningshuis van België te dienen.

Het zijn zijn steeds wisselende allianties die hem tenslotte de das omdoen. Bij gebrek aan beter laat hij zich bij Antwerpse gemeenteraadsverkiezingen inschrijven op de kieslijst van de communisten, om daarna pas te zien dat (de wegens landverraad in de gevangenis zittende) August Borms ook met een lijst opkomt en daarop op ‘meetings’ zijn volgelingen oproepend niet voor ‘zijn’ communisten maar op Borms te stemmen, je moet het maar kunnen verkopen. En hij komt ermee weg: Borms wordt tot gemeenteraadslid in Antwerpen verkozen terwijl hij ‘zit’, met het dubbele van de stemmen van de eerstvolgende (‘franskiljonse’) kandidaat. Om daarna alsnog geëxecuteerd te worden. Van Extergem zelf, daar werden niet eens kogels aan verspild. Tijdens WO II opgepakt als communist en daarom landverrader, eerst naar Breendonk gestuurd, daarna – in 1945! – naar Ellrich, een werkkamp waar hij op onbekende datum omkwam. Ellrich, in de deelstaat Thüringen, voorheen Oost-Duitsland. Wikipedia meldt over Ellrich: In de nabijheid bevond zich aan het einde van de Tweede Wereldoorlog het KZ-Aussenlager Ellrich-Juliushütte waar duizenden vooral Franse, Poolse en Russische gevangenen het leven lieten. Onder de slachtoffers bevonden zich ook enkele Nederlanders. Over Belgen, laat staan over Jef Van Extergem, geen woord. Zo werd Jef Van Extergem een voetnoot in de geschiedenis van België, misschien wel in de geschiedenis van de Vlaamse Beweging en van het Belgische/Vlaamse socialisme en communisme.

Precies het actualiseren van deze voetnoot is de grote verdienste van Marc Andries en van dit boek. Erg jammer dat er geen namenregister bij hoort, dat moet bij een tweede druk zeker gebeuren. Talloos zijn de referenties in het boek naar bekende (Van Ostaijen, om er maar eentje te noemen) en minder bekende activisten. En van hun tegenstanders, uiteraard. Bovendien biedt het boek een weelde aan petite histoire van België en vooral van Antwerpen, is geïllustreerd met fraaie en interessante foto’s en ook nog spannend geschreven. Echte historici zullen wellicht hier en daar wel een nijdige opmerking maken, daar zijn het historici voor. Voor de leek is het een instructief werkstuk.

(Ludion, 2016 – 381 blz.)
René Hooyberghs